De grootste energiebron die wij hebben is de zon. Al zo lang ze bestaat levert zij haar warmte en licht aan onze aarde. Planten hebben het vermogen om het licht van de zon te benutten voor het maken van suikers. Dit proces wordt fotosynthese genoemd. Zo zijn er verschillende processen die zich in de plant afspelen welke zorgen voor een optimale groei en bloei. Voor deze processen is veel energie nodig welke de plant normaler wijze uit het zonlicht haalt.

Spectrum van het zonlicht
Over het algemeen wordt aangenomen dat licht wat een spectrum heeft vergelijkbaar als zonlicht, een normale plantontwikkeling garandeert. Zonlicht kan ruwweg worden verdeeld in ultraviolet (UV), het gedeelte dat door planten wordt gebruikt (PAR), infrarood (NIR) en langgolvige warmtestraling (FIR). Ultraviolette straling heeft een korte tot zeer korte golflengte, terwijl infrarode straling een veel langere golflengte heeft. Het rood en blauwe deel van het spectrum wordt Photosynthetic Active Radiation (PAR) genoemd. Dit gedeelte van het spectrum wordt door planten vooral gebruikt voor de fotosynthese.
De verschillende lichtkleuren hebben invloed op verschillende plantprocessen. In de onderstaande tabel staan de invloeden van de verschillende licht kleuren op de plantprocessen.
Lichtkleur gevoeligheid voor de plant
-----------------------------------------------------------
Lichtkleur: Effect op de plant:
UV C Bereikt het aardoppervlak niet
UV B Heeft invloed op fotomorfogenese
UV A Fotomorfogenese
PAR blauw Fotomorfogenese en fotosynthese
PAR groen Wordt weerkaatst
PAR rood Fotomorfogenese, fotosynthese, chlorofylsynthese en fotoperiodisme
NIR ver rood Fotomorfogenese en fotoperiodisme
NIR nabij IR Wordt voornamelijk omgezet in warmte
FIR ver IR Geen directe zoninstraling, maar warmtestraling
Fotosynthese
Fotosynthese is de stralingsenergie die omgezet wordt in chemische energie. Dat is noodzakelijk voor de synthese van de organische componenten waaruit de plant is opgebouwd. Bij de fotosynthese voorziet de plant in haar energie*behoefte door met de stralingsenergie van het licht, uit water en koolzuur de benodigde koolhydraten te vormen. Hierdoor kan de plant groeien en bloeien. Chlorofylsynthese is een belangrijk onderdeel van het fotosynthese proces. Bij chlorofylsynthese (bladgroensynthese) wordt chlorofyl (bladgroen) geproduceerd, het groene pigment in bladeren en stengels. In de chloroplasten (bladgroenkorrels) wordt het zonlicht opgevangen en verwerkt.
Fotomorfogenese
Het proces fotomorfogenese bepaald het uiterlijk en leidt tot de uiteindelijke vorm, kleur en bloei van de plant. Dit is voor een belangrijk deel genetisch vastgelegd, maar wordt gestuurd door licht.
Fotoperiodisme
De daglengte (lichtperiode) is voor veel planten een informatiebron waarmee het moment bepaald wordt om uitlopers te vormen of te gaan bloeien. Het gedrag en de ontwikkeling van de planten worden dus beïnvloed door de lichtperiode.
Temperatuur invloed op het fotosynthese proces
De temperatuur heeft binnen bepaalde grenzen geen negatieve invloed op de fotosynthese. Maar temperaturen buiten deze grenzen verzwakken de fotosynthese. Een ideale temperatuur zorgt voor een optimale gaswisseling in het blad. Verder heeft temperatuur vooral invloed op het metabolisme (stofwisseling) in de plant. Een ideale temperatuur (per gewas verschillend) zorgt voor een juiste bloeisnelheid en het perfect afrijpen van de vruchten. Bij een jong gewas (kleine planten) betekent een ideale temperatuur ook een betere toename van de lichtopname door de plant.
Maar wat is licht nu eigenlijk? Dat licht is een soort elektromagnetische straling. Deze straling bereikt de aarde in de vorm van golven. De golven worden gefilterd door de atmosfeer en komen zo als globale straling op de aarde. De 17e eeuwse wetenschapper Christiaan Huygens, kwam tot de conclusie dat licht zich gedraagt als een golfverschijnsel, die hij vergeleek met de golven van een wateroppervlak. En volgens Newton bestond licht uit zeer kleine deeltjes die zich met grote snelheid verplaatsen. Later in de 19e eeuw toonde James Maxwell aan dat licht verklaard kan worden als een elektromagnetische golfbeweging.
Er is verder in de afgelopen 130 jaar nog veel gebeurd op het gebied van kunstmatig licht . In 1879 is de elektrische lamp uit gevonden, 1938 de Fluorescentie Lamp, 1959 de Halogeen Lamp, 1961 de Hoge Druk Natrium Lamp. (Sodium), in 1962 de Metaal Halogeen Lamp.(Metal Halide) en in 1969 de eerste LED (Rood). En vrij recent, in 2009 de High power UV/A LED.
Een LED-lamp is een SSL (Solid state lighting) lamp opgebouwd uit een groep van leds (lichtemitterende diodes). De karakteristieken van de toegepaste LED's in de lamp bepalen samen met de stralingshoek de lichtstroom, lichtsterkte en kleurweergave. Bij het licht voor planten spreken we over PAR-licht (Photosynthetic Active Radiation). Waar het bij planten werkelijk om gaat is de PPFD-factor (Photosynthetic Photo Flux Density). Deze laatste wordt gemeten in micro-mol. De micro-mol zijn energiepakketjes die gemeten worden aan het aantal van die pakketjes welke per seconde een oppervlakte van 1m² bereikt. Energiezuinige belichting vraagt om lichtbronnen die met zo weinig mogelijk gebruik van energie zoveel mogelijk micro-mol opleveren. De universiteit van Wageningen heeft al informatie uitgegeven waaruit blijkt dat de high power LED's (Ook toegepast in de Spectra unit.) minimaal 2 micro-mol per Watt leveren.
bron: http://www.dutchgreengrowlights.eu/d...weeklampen.php

Spectrum van het zonlicht
Over het algemeen wordt aangenomen dat licht wat een spectrum heeft vergelijkbaar als zonlicht, een normale plantontwikkeling garandeert. Zonlicht kan ruwweg worden verdeeld in ultraviolet (UV), het gedeelte dat door planten wordt gebruikt (PAR), infrarood (NIR) en langgolvige warmtestraling (FIR). Ultraviolette straling heeft een korte tot zeer korte golflengte, terwijl infrarode straling een veel langere golflengte heeft. Het rood en blauwe deel van het spectrum wordt Photosynthetic Active Radiation (PAR) genoemd. Dit gedeelte van het spectrum wordt door planten vooral gebruikt voor de fotosynthese.
De verschillende lichtkleuren hebben invloed op verschillende plantprocessen. In de onderstaande tabel staan de invloeden van de verschillende licht kleuren op de plantprocessen.
Lichtkleur gevoeligheid voor de plant
-----------------------------------------------------------
Lichtkleur: Effect op de plant:
UV C Bereikt het aardoppervlak niet
UV B Heeft invloed op fotomorfogenese
UV A Fotomorfogenese
PAR blauw Fotomorfogenese en fotosynthese
PAR groen Wordt weerkaatst
PAR rood Fotomorfogenese, fotosynthese, chlorofylsynthese en fotoperiodisme
NIR ver rood Fotomorfogenese en fotoperiodisme
NIR nabij IR Wordt voornamelijk omgezet in warmte
FIR ver IR Geen directe zoninstraling, maar warmtestraling
Fotosynthese
Fotosynthese is de stralingsenergie die omgezet wordt in chemische energie. Dat is noodzakelijk voor de synthese van de organische componenten waaruit de plant is opgebouwd. Bij de fotosynthese voorziet de plant in haar energie*behoefte door met de stralingsenergie van het licht, uit water en koolzuur de benodigde koolhydraten te vormen. Hierdoor kan de plant groeien en bloeien. Chlorofylsynthese is een belangrijk onderdeel van het fotosynthese proces. Bij chlorofylsynthese (bladgroensynthese) wordt chlorofyl (bladgroen) geproduceerd, het groene pigment in bladeren en stengels. In de chloroplasten (bladgroenkorrels) wordt het zonlicht opgevangen en verwerkt.
Fotomorfogenese
Het proces fotomorfogenese bepaald het uiterlijk en leidt tot de uiteindelijke vorm, kleur en bloei van de plant. Dit is voor een belangrijk deel genetisch vastgelegd, maar wordt gestuurd door licht.
Fotoperiodisme
De daglengte (lichtperiode) is voor veel planten een informatiebron waarmee het moment bepaald wordt om uitlopers te vormen of te gaan bloeien. Het gedrag en de ontwikkeling van de planten worden dus beïnvloed door de lichtperiode.
Temperatuur invloed op het fotosynthese proces
De temperatuur heeft binnen bepaalde grenzen geen negatieve invloed op de fotosynthese. Maar temperaturen buiten deze grenzen verzwakken de fotosynthese. Een ideale temperatuur zorgt voor een optimale gaswisseling in het blad. Verder heeft temperatuur vooral invloed op het metabolisme (stofwisseling) in de plant. Een ideale temperatuur (per gewas verschillend) zorgt voor een juiste bloeisnelheid en het perfect afrijpen van de vruchten. Bij een jong gewas (kleine planten) betekent een ideale temperatuur ook een betere toename van de lichtopname door de plant.
Maar wat is licht nu eigenlijk? Dat licht is een soort elektromagnetische straling. Deze straling bereikt de aarde in de vorm van golven. De golven worden gefilterd door de atmosfeer en komen zo als globale straling op de aarde. De 17e eeuwse wetenschapper Christiaan Huygens, kwam tot de conclusie dat licht zich gedraagt als een golfverschijnsel, die hij vergeleek met de golven van een wateroppervlak. En volgens Newton bestond licht uit zeer kleine deeltjes die zich met grote snelheid verplaatsen. Later in de 19e eeuw toonde James Maxwell aan dat licht verklaard kan worden als een elektromagnetische golfbeweging.
Er is verder in de afgelopen 130 jaar nog veel gebeurd op het gebied van kunstmatig licht . In 1879 is de elektrische lamp uit gevonden, 1938 de Fluorescentie Lamp, 1959 de Halogeen Lamp, 1961 de Hoge Druk Natrium Lamp. (Sodium), in 1962 de Metaal Halogeen Lamp.(Metal Halide) en in 1969 de eerste LED (Rood). En vrij recent, in 2009 de High power UV/A LED.
Een LED-lamp is een SSL (Solid state lighting) lamp opgebouwd uit een groep van leds (lichtemitterende diodes). De karakteristieken van de toegepaste LED's in de lamp bepalen samen met de stralingshoek de lichtstroom, lichtsterkte en kleurweergave. Bij het licht voor planten spreken we over PAR-licht (Photosynthetic Active Radiation). Waar het bij planten werkelijk om gaat is de PPFD-factor (Photosynthetic Photo Flux Density). Deze laatste wordt gemeten in micro-mol. De micro-mol zijn energiepakketjes die gemeten worden aan het aantal van die pakketjes welke per seconde een oppervlakte van 1m² bereikt. Energiezuinige belichting vraagt om lichtbronnen die met zo weinig mogelijk gebruik van energie zoveel mogelijk micro-mol opleveren. De universiteit van Wageningen heeft al informatie uitgegeven waaruit blijkt dat de high power LED's (Ook toegepast in de Spectra unit.) minimaal 2 micro-mol per Watt leveren.
bron: http://www.dutchgreengrowlights.eu/d...weeklampen.php





Comment