Gezien het feit dat -met name- medicinale gebruikers graag koken met wiet, lijkt het me uiterst belangrijk een paar zaken m.b.t. voedselveiligheid even te benadrukken.
Ik heb een culinaire opleiding genoten, dus weet een beetje waar het over gaat. Voorts is mijn vrouw 10 jaar geleden overleden aan kanker, waardoor ik een fascinatie heb opgebouwd met de relatie tussen voeding en gezondheid en ik zie zo hier en daar wat dingen fout gaan.
VETTEN
De beste vetten zijn natuurlijk de onverzadigde vetzuren zoals in vette vis, maar uiteraard ook in hennepzaadolie. Deze heeft zo'n mooi vetzuurpatroon, dat ze heel delicaat moet worden behandeld. Verhitting is een absolute zonde voor een mooi product als hennepzaadolie, dus probeer dit te vermijden. Voeg het het liefst aan het einde van de bereiding toe. Indien je dus Wernards druppels gebruikt, behandel ze dan met respect.
Het verhitten van vetten met plantenresten erin. Probeer dit tot een minimum te beperken. Verbrandde plantenresten kunnen in de olie transvetzuren produceren en die zijn dus kankerverwekkend. Ik heb niet de behoefte te bemoederen, of mensen te beledigen, maar dit is in het medicinale gedeelte van de site - denk ik- wel wenselijk te weten.
Frituren dus geen probleem, maar bewaar je vetstof niet te lang (gaat ie oxideren en dan gaat het weer fout bij de anti-oxidanten), doe er geen plantenresten in en liefst in kleine beetjes vet en na gebruik weggooien.
Boter is prima. Echter is er nog wel een kanttekening bij de bereiding. Alles hierboven besproken geldt ook voor boter, maar boter bestaat uit vet, eiwitten en vocht. Wat vitamientjes (A&D) ook nog. Als je nu wietboter gaat maken, zal -na afkoeling- het water onderin het bakje/pannetje zitten met daarop dus een harde laag boter. Onder deze omstandigheden kunnen zich op de plantenresten Botulinus bacteriën gaan vormen. Botulisme komt veelal voor in zuurstofarme omstandigheden, vooral met rottend vegetarisch materiaal en eiwitten. Dat is precies wat er aan de hand is bij het maken van wietboter.
Niks aan de hand. Het beste is het dus de wiet goed droog te hebben, als steriele boter je uitgangspunt is. Dan na de bereiding direct de boter laten stollen, afscheppen en op laten drogen op wat keukenpapier. Droog en koel bewaren. Botulinus is na verhitting niet meer schadelijk, dus we hoeven ons er ook niet té druk over te maken, maar zorgvuldigheid kan geen kwaad.
Vele blije baksels toegewenst
Ik heb een culinaire opleiding genoten, dus weet een beetje waar het over gaat. Voorts is mijn vrouw 10 jaar geleden overleden aan kanker, waardoor ik een fascinatie heb opgebouwd met de relatie tussen voeding en gezondheid en ik zie zo hier en daar wat dingen fout gaan.
VETTEN
De beste vetten zijn natuurlijk de onverzadigde vetzuren zoals in vette vis, maar uiteraard ook in hennepzaadolie. Deze heeft zo'n mooi vetzuurpatroon, dat ze heel delicaat moet worden behandeld. Verhitting is een absolute zonde voor een mooi product als hennepzaadolie, dus probeer dit te vermijden. Voeg het het liefst aan het einde van de bereiding toe. Indien je dus Wernards druppels gebruikt, behandel ze dan met respect.
Het verhitten van vetten met plantenresten erin. Probeer dit tot een minimum te beperken. Verbrandde plantenresten kunnen in de olie transvetzuren produceren en die zijn dus kankerverwekkend. Ik heb niet de behoefte te bemoederen, of mensen te beledigen, maar dit is in het medicinale gedeelte van de site - denk ik- wel wenselijk te weten.
Frituren dus geen probleem, maar bewaar je vetstof niet te lang (gaat ie oxideren en dan gaat het weer fout bij de anti-oxidanten), doe er geen plantenresten in en liefst in kleine beetjes vet en na gebruik weggooien.
Boter is prima. Echter is er nog wel een kanttekening bij de bereiding. Alles hierboven besproken geldt ook voor boter, maar boter bestaat uit vet, eiwitten en vocht. Wat vitamientjes (A&D) ook nog. Als je nu wietboter gaat maken, zal -na afkoeling- het water onderin het bakje/pannetje zitten met daarop dus een harde laag boter. Onder deze omstandigheden kunnen zich op de plantenresten Botulinus bacteriën gaan vormen. Botulisme komt veelal voor in zuurstofarme omstandigheden, vooral met rottend vegetarisch materiaal en eiwitten. Dat is precies wat er aan de hand is bij het maken van wietboter.
Niks aan de hand. Het beste is het dus de wiet goed droog te hebben, als steriele boter je uitgangspunt is. Dan na de bereiding direct de boter laten stollen, afscheppen en op laten drogen op wat keukenpapier. Droog en koel bewaren. Botulinus is na verhitting niet meer schadelijk, dus we hoeven ons er ook niet té druk over te maken, maar zorgvuldigheid kan geen kwaad.
Vele blije baksels toegewenst





Comment