Mededeling

Collapse
No announcement yet.

Invloed van golflengtes op het gewas

Collapse
X
 
  • Filter
  • Tijd
  • Geef Weer
Clear All
new posts

    Invloed van golflengtes op het gewas

    Korting op 420shop
    Invloed van golflengtes op het gewas.

    Licht is een soort elektromagnetische straling die door de zon wordt
    uitgestraald. Deze straling bereikt de aarde in de vorm van golven. De
    golven worden gefilterd door de atmosfeer en komen zo als globale
    straling op de aarde.
    De globale straling kan ruwweg worden verdeeld in ultraviolet (UV),
    het gedeelte dat door planten wordt gebruikt (PAR), infrarood (NIR)
    en langgolvige warmtestraling (FIR). Ultraviolette straling heeft een
    korte tot zeer korte golflengte, terwijl infrarode straling een veel lange-
    re golflengte heeft.

    Spectrum van zonlicht
    Over het algemeen wordt aangenomen dat licht dat een spectrum heeft vergelijkbaar als zonlicht, een normale plantontwikkeling garandeert. Zonlicht bevat, uitgedrukt in percentage van alle fotonen tussen 400 en 800 nanometer (nm), circa 21% blauw (400-500nm), 26% groen 500-600nm),
    27% rood (600-700nm) en 26% verrood licht.
    De verschillende golflengtes hebben invloed op verschillende plantprocessen.

    Hier onder staan de invloeden van de verschillende golflengtes op de plantprocessen.

    UV
    UV C
    0-280
    < 300 bereikt het aardoppervlak niet

    UV
    UV B
    280-320
    300-320 heeft invloed op fotomorfogenese

    UV
    UV A
    320-400
    Fotomorfogenese

    PAR
    Blauw
    400-500
    Fotomorfogenese en fotosynthese

    PAR
    Groen
    500-600
    Wordt weerkaatst

    PAR
    Rood
    600-700
    Fotomorfogenese, fotosynthese, chlorofylsynthese
    en fotoperiodisme

    NIR
    Verrood
    700-800
    Fotomorfogenese en fotoperiodisme

    NIR
    Nabije infrarood
    700-3.000
    Wordt voornamelijk omgezet in warmte

    FIR
    Ver infrarood
    3.000-100.000
    Geen directe zoninstraling, maar warmtestraling

    Fotomorfogenese
    Het proces fotomorfogenese leidt tot de uiteindelijke vorm, kleur en bloei van de plant. Dit is voor een belangrijk deel genetisch vastgelegd, maar wordt gestuurd door licht.

    Fotosynthese

    Een gedeelte van het licht wordt door planten gebruikt voor de fotosynthese. Dit deel van 400-700nm wordt Photosynthetic Active Radiation (PAR) genoemd.

    Chlorofylsynthese

    Bij chlorofylsynthese (bladgroensynthese) wordt chlorofyl (bladgroen) geproduceerd, het groene
    pigment in bladeren en stengels. In de chloroplasten (bladgroenkorrels) wordt het zonlicht opgevangen en verwerkt.

    Fotoperiodisme
    De daglengte (lichtperiode) is voor veel planten een informatiebron waarmee het moment bepaald
    wordt om uitlopers te vormen of te gaan bloeien. Het gedrag en de ontwikkeling van de planten
    worden dus beïnvloed door de lichtperiode.

    Ultraviolet (UV)
    De kleur van bepaalde bloemen en vruchten zijn te verbeteren door UV-straling. De straling zorgt voor een compactere groei, kortere internodiën en kleinere en dikkere bladeren. UV-straling is in hogere intensiteiten schadelijk voor gewassen, zoals een negatief effect op de fotosynthese. Aan de andere kant is er een positief effect door de vorming van smaakstoffen en anti-oxidanten.
    Blauwe straling De blauwe straling heeft effect op het fotosyntheseproces. Voor het fotosyntheseproces zijn de
    blauwe en rode stralingen gelijkwaardig. Blauw licht is vooral van belang voor de vorming chlorofyl, de ontwikkeling van chloroplasten, huidmondjesopening, de aanmaak van enzymen en de 24-uurs
    cyclus van de fotosynthese en fotomorfogenese. Een verhoogd aandeel blauw licht in het natuurlijke licht heeft een remmend effect op de celstrekking, waardoor stengels korter worden en bladeren
    dikker. Omgekeerd heeft een afname van de hoeveelheid blauw licht een toename van het bladoppervlak en de stengelstrekking tot gevolg. De hoeveelheid blauw licht kan niet voor alle plantensoorten ongelimiteerd worden teruggebracht. Te weinig blauw licht kan tot negatieve effecten op
    de plantontwikkeling leiden.

    Veel plantensoorten hebben een minimale hoeveelheid blauw licht nodig voor een normale plantontwikkeling. Deze behoefte verschilt per soort en varieert van 5-30 µmol m²/s voor sla en pepers tot 30 µmol m²/s voor sojaboon. In Nederland zit van nature voldoende blauw in het natuurlijke licht voor planten (ook in de kas). Door de hoeveelheid blauw licht te beïnvloeden, kan de plantvorm gestuurd worden.

    Rode straling
    De rode straling is het meest efficiënt voor de fotosynthese van planten. De energie-inhoud van een rood foton (600- 700nm) is 1,75 maal lager dan die van een blauw foton (400-500nm). Dit betekent dat voor het maken van een blauw foton meer energie nodig is dan voor een rood foton, terwijl de fotonen voor de fotosynthese gelijkwaardig zijn. Bijvoorbeeld: bij 400nm is 1 Watt 3,4 µmol en bij 700nm is 1 Watt 5,8 µmol.

    Rode straling draagt bij aan de aanmaak van chlorofyl (bladgroen) en speelt een rol in de processen fotoperiodisme en fotomorfogenese. Het selectief wegschermen van rood licht waardoor de verhouding tussen rood en verrood licht afneemt, kan de vorming van zijscheuten en pluizen verminderen.

    Nabije infrarood
    Het nabije infrarood (NIR) met een golflengte van 700-3000nm, is het deel van het zonnespectrum dat nauwelijks gebruikt wordt door de lanten; het wordt voornamelijk omgezet in warmte (voelbaar en latent) in de kas. Dit kan, afhankelijk van de locatie en het seizoen, een gunstig effect hebben op het kasklimaat of het kan juist het probleem van oververhitting introduceren.

    Verrode straling
    Het stralingsgedeelte van 700-800nm wordt verrood genoemd. Dit draagt bij aan de fotomorfogenese, vooral de tengelstrekking en het fotoperiodisme van planten.

    Ver infrarode straling

    Ver infrarode straling (FIR) met golflentes van 3.000-100.000nm is niet het gevolg van directe zoninstraling, maar is warmtestraling die door elk warm ‘lichaam’ wordt uitgezonden. Deze straling is van groot belang bij kassen, het veroorzaakt namelijk een deel van het broeikaseffect.

    #2
    Re: Invloed van golflengtes op het gewas

    nice monty... eens kijken hoe we dit allemaal kunnen gaan toepassen.
    Ik link je shit man

    Grtz $iR
    sigpic

    Comment


      #3
      Re: Invloed van golflengtes op het gewas

      knap knap maar par dat had ik ook in mijn terrarium maar die was rood en ik had een witte maar zijn dat die lampen maar dan in het blauw want die weet ik ook uit te halen dus als het zo zou zijn dan kan ik dat eens proberen en wat die uvb betreft ik heb een uvb 10.0 wanneer kan ik die het beste gebruiken bloei/groei als het licht aan gaat af voor het licht uitgaat of de gehele licht cyclus kan je daar wat meer over vertellen ?????

      Comment

      Bezig...
      X