‘Oorzaak en gevolg’
Het kweken van marihuana is in eerste instantie een leuke en vaak zelfs rustgevende hobby. Toch bereiken me best nog wel veel berichten van beginnende kwekers over hun groene falen, mislukte oogsten en een hoop frustratie die daaruit voortkomt. In deze aflevering van Spees Cees zal ik proberen een aantal hoofdoorzaken in kaart te brengen. Steek er weer wat van op zou ik zeggen…
Om te kijken naar de belangrijkste hoofdoorzaken van een hoop ellende en teleurstelling begin ik eens met een puntsgewijze inventarisatie van veelvoorkomende problemen. De volgende worden in de praktijk vaak gemaakt, natuurlijk zijn er ook andere oorzaken.
Don’t try this at home…!
Teveel water geven staat hoog genoteerd
Aanvangen met stekken die voetrot, spint of trips hebben is geen goeie basis
Bij een te hoge voedingswaarde (EC) kan er vergiftiging optreden
Een te hoge pH-waarde omdat er niet gemeten wordt
Vals licht in de donkere uren (kieren, gaten, scheurtjes of ongewenste stoornis nachtrust)
De potten zijn te klein
Er is teveel warmte bij een minimale ventilatie in je ruimte
In een te vochtige ruimte kun je schimmels en/of budrot krijgen
Teveel diverse producten gebruiken zonder de bijsluiter goed te lezen
De lampen hangen te hoog of je hebt te lang voorgegroeid, er ontstaan dan alleen maar sprieten met open en te kleine buds
Een erg droge ruimte in de groeifase (incl. eerste twee weken bloeifase!)
Je hebt een slecht groeimedium aangeschaft, zoals de Poolse slabs of goedkope potgrond die alleen uit veenmest bestaat
Dit zijn zo’n beetje de grootste fouten die gemaakt worden wat betreft de cyclus van de plant dan, je moet natuurlijk ook altijd zorgen voor geurbestrijding, veilige elektra, geen wateroverlastgevaar en je mond niet voorbij praten in de kroeg.
Maar hoe blijf je de bovengeschetste oorzaken nou voor?
Teveel water geven is een kwestie van er geen gevoel voor hebben, je wil je plantjes zoveel mogelijk verwennen maar knuffelt ze dood. Een aanrader is dus altijd wel om een vocht- of beter nog een tensiometer te gebruiken die je kunt kopen in de growshop.
Neem een loep mee als je stekken koopt, laat ze maar lachen maar controleer altijd een paar stekken grondig op hun gezondheid en vitaliteit. Snij ze derhalve met een vlijmscherp mesje net boven de wortel schuin door, en kijk of je een bruin kringetje kunt ontdekken. Zo ja, laat dan maar! Gebruik je loep tegelijk om te controleren op spint en trips. Kijk daarvoor aan de onderkant van de blaadjes, vooral tegen de middennerf aan of je eitjes of misschien wel levende beestje ziet. Doe dit heel grondig, spint heeft namelijk de nare eigenschap dat ze pas gaan bewegen als ze de eerste shock van al dat onverwachte licht te boven zijn. De kleur kan doorzichtig tot donkerbruin zijn.
Als je met voorbemeste grond werkt, ga dan aan je jonge gewas niet nog eens onnodig voeding geven, want dat is vragen om een vergiftiging. Lees altijd goed de bijsluiters van je voeding, en zorg vooral dat je over een goede EC-meter beschikt om het dieet zelf in handen te hebben. En zonder een pH-meter ben je als kweker niet eens meer serieus te nemen, want je planten kunnen helemaal niks opnemen als de pH-waarde niet klopt.
Ga ook een keer minutenlang in je afbloeihok staan als de lampen uit zijn en overtuig jezelf dat er geen spatje vals licht van buiten het hok binnenkomt. Vals licht geeft herma’s, doorgeschoten planten en open buds.
Te kleine potten geven een dusdanig klein medium voor je planten dat er nooit sprake kan zijn van een goeie ontwikkeling. Er dient een driedelige massa aan medium te zijn voor je plant. Onderin de drankafdeling, middenin de massa voor de wortels, die de transportlogistiek mee verzorgen en de hechting geven dat de plant niet omwaait, en de bovenste laag is voor de afzetwortels die de ballast van de plant (zouten en nitriet) in het medium afzetten als ware het de plant zijn WC. In een te klein medium zal dit alles overlopen en verstorend werken.
Op startblokken (rockwool) kun je in principe wel tot goede oogsten komen wat de kwantiteit aangaat. Dit geheim zit ‘m in het feit dat je ze in een bak (Deense bodem) strak tegen elkaar aan kunt zetten en ze van een Eb & Vloed systeem kunt voorzien. Met zo’n systeem spoel je dus telkens de ballaststoffen weg. Omdat je dan 196 plantjes op een vierkante meter kunt zetten, krijg je heel wat toppen en bovendien maar weinig knipwerk. Je moet dan wel constant met de EC- en pH-meter er bovenop zitten om de waarden te checken want een fout is fataal op zo’n systeem..
De warmte hou je in principe onder controle door een flinke overcapaciteit afzuiging te hebben met een dimmer. Veel verse lucht is een must! Als de aanvoer van verse buitenlucht te wensen overlaat, dan kun je met CO2-tabs werken om het tekort in de te arme lucht aan te vullen. Met extra CO2 kunnen je planten bovendien beter tegen warmte.
Als je aanvoer van verse lucht uit een vertrek komt dat door een centrale verwarming verhit wordt, zal je lucht te droog zijn en te arm aan CO2.
Als je ruimte te vochtig is heb je ook een wezenlijk probleem. Harder afzuigen is dan een optie, doe daar niet zuinig mee. Ook je zwenkventilator mag niet zo’n miezerig pielding zijn, maar eentje die daadwerkelijk lucht verplaatst.
Bespeur je meeldauw (schimmel) in het begin van je kweek, kap dan alles en begin maar opnieuw! Een schoonmaakbeurt met een middel als Halamid kan preventief heel goed werken voordat je dan weer opstart. Meeldauw komt vaak al met je stekken mee de ruimte in, dus ben daar altijd heel alert op! Het begin van meeldauw ziet eruit alsof de plant op de kleine blaadjes al volop hars produceert, maar je kunt het zo ervan afvegen.
Budrot ontstaat in ruimtes die te vochtig zijn en slecht geventileerd, het profileert zich doorgaans pas in de laatste weken. Budrot komt van binnenuit en verknalt je oogst vaak zonder dat je het op tijd zag. Planten met budrot moet je gelijk verwijderen! Een vrieskist op vol volume zetten met de deur of klep open kan veel vocht uit je ruimte onttrekken. Het ijs dat zich in de kist vormt was het vocht in je lucht.
Koop nooit als een dwaas allerlei producten waarvan de werking onduidelijk is. Overtuig je altijd eerst kritisch van de toevoegende waarde en gebruik niet alles door elkaar heen.
Als je lamp te hoog hangt zullen je planten gaan sprieten, terwijl je ze juist kort, stevig en met korte internodes wil kweken. De plant wil nu eenmaal zo snel mogelijk naar het licht groeien, vooral in de groeifase. Ongeveer 50 cm erboven en een zwenkventilator net onder je lamp doorlaten zwenken is prima. Je kap mag gerust een beetje meewiebelen! Andersgezegd: waai de hitte van je lamp gewoon weg om zoveel mogelijk spectrum (veel lumen dus) zo dicht mogelijk bij je planten te krijgen. Als je afzuiger hoog genoeg hangt, zorgt de natuurwet ervoor dat de warme lucht afgevoerd wordt, want warme lucht stijgt op.
In de groeifase willen de planten graag een vochtige omgeving om zich goed te kunnen ontwikkelen. Op tijd een beetje nevelen vinden ze dan ook erg aangenaam. Zuur je nevelwater af tot een pH 6.3 tot 6.5.
Gebruik je bladvoeding in je vernevelaar dan is een uitvloeier aan te raden. Zonder uitvloeier loopt de nevel gewoon in druppels van de blaadjes en is het effect nihil. Gebruik geen bladvoeding als je op voorbemeste grond werkt. Sommige mediums (potgrond, slabs, kokos) zijn het aankijken niet waard, dus wees kritisch bij de aanschaf ervan. ‘Bespaar’ bijvoorbeeld niet een paar lullige eurootjes met een wit merk. Bij de growshop zijn er genoeg goede mediums verkrijgbaar.
Grtz
Het kweken van marihuana is in eerste instantie een leuke en vaak zelfs rustgevende hobby. Toch bereiken me best nog wel veel berichten van beginnende kwekers over hun groene falen, mislukte oogsten en een hoop frustratie die daaruit voortkomt. In deze aflevering van Spees Cees zal ik proberen een aantal hoofdoorzaken in kaart te brengen. Steek er weer wat van op zou ik zeggen…
Om te kijken naar de belangrijkste hoofdoorzaken van een hoop ellende en teleurstelling begin ik eens met een puntsgewijze inventarisatie van veelvoorkomende problemen. De volgende worden in de praktijk vaak gemaakt, natuurlijk zijn er ook andere oorzaken.
Don’t try this at home…!
Teveel water geven staat hoog genoteerd
Aanvangen met stekken die voetrot, spint of trips hebben is geen goeie basis
Bij een te hoge voedingswaarde (EC) kan er vergiftiging optreden
Een te hoge pH-waarde omdat er niet gemeten wordt
Vals licht in de donkere uren (kieren, gaten, scheurtjes of ongewenste stoornis nachtrust)
De potten zijn te klein
Er is teveel warmte bij een minimale ventilatie in je ruimte
In een te vochtige ruimte kun je schimmels en/of budrot krijgen
Teveel diverse producten gebruiken zonder de bijsluiter goed te lezen
De lampen hangen te hoog of je hebt te lang voorgegroeid, er ontstaan dan alleen maar sprieten met open en te kleine buds
Een erg droge ruimte in de groeifase (incl. eerste twee weken bloeifase!)
Je hebt een slecht groeimedium aangeschaft, zoals de Poolse slabs of goedkope potgrond die alleen uit veenmest bestaat
Dit zijn zo’n beetje de grootste fouten die gemaakt worden wat betreft de cyclus van de plant dan, je moet natuurlijk ook altijd zorgen voor geurbestrijding, veilige elektra, geen wateroverlastgevaar en je mond niet voorbij praten in de kroeg.
Maar hoe blijf je de bovengeschetste oorzaken nou voor?
Teveel water geven is een kwestie van er geen gevoel voor hebben, je wil je plantjes zoveel mogelijk verwennen maar knuffelt ze dood. Een aanrader is dus altijd wel om een vocht- of beter nog een tensiometer te gebruiken die je kunt kopen in de growshop.
Neem een loep mee als je stekken koopt, laat ze maar lachen maar controleer altijd een paar stekken grondig op hun gezondheid en vitaliteit. Snij ze derhalve met een vlijmscherp mesje net boven de wortel schuin door, en kijk of je een bruin kringetje kunt ontdekken. Zo ja, laat dan maar! Gebruik je loep tegelijk om te controleren op spint en trips. Kijk daarvoor aan de onderkant van de blaadjes, vooral tegen de middennerf aan of je eitjes of misschien wel levende beestje ziet. Doe dit heel grondig, spint heeft namelijk de nare eigenschap dat ze pas gaan bewegen als ze de eerste shock van al dat onverwachte licht te boven zijn. De kleur kan doorzichtig tot donkerbruin zijn.
Als je met voorbemeste grond werkt, ga dan aan je jonge gewas niet nog eens onnodig voeding geven, want dat is vragen om een vergiftiging. Lees altijd goed de bijsluiters van je voeding, en zorg vooral dat je over een goede EC-meter beschikt om het dieet zelf in handen te hebben. En zonder een pH-meter ben je als kweker niet eens meer serieus te nemen, want je planten kunnen helemaal niks opnemen als de pH-waarde niet klopt.
Ga ook een keer minutenlang in je afbloeihok staan als de lampen uit zijn en overtuig jezelf dat er geen spatje vals licht van buiten het hok binnenkomt. Vals licht geeft herma’s, doorgeschoten planten en open buds.
Te kleine potten geven een dusdanig klein medium voor je planten dat er nooit sprake kan zijn van een goeie ontwikkeling. Er dient een driedelige massa aan medium te zijn voor je plant. Onderin de drankafdeling, middenin de massa voor de wortels, die de transportlogistiek mee verzorgen en de hechting geven dat de plant niet omwaait, en de bovenste laag is voor de afzetwortels die de ballast van de plant (zouten en nitriet) in het medium afzetten als ware het de plant zijn WC. In een te klein medium zal dit alles overlopen en verstorend werken.
Op startblokken (rockwool) kun je in principe wel tot goede oogsten komen wat de kwantiteit aangaat. Dit geheim zit ‘m in het feit dat je ze in een bak (Deense bodem) strak tegen elkaar aan kunt zetten en ze van een Eb & Vloed systeem kunt voorzien. Met zo’n systeem spoel je dus telkens de ballaststoffen weg. Omdat je dan 196 plantjes op een vierkante meter kunt zetten, krijg je heel wat toppen en bovendien maar weinig knipwerk. Je moet dan wel constant met de EC- en pH-meter er bovenop zitten om de waarden te checken want een fout is fataal op zo’n systeem..
De warmte hou je in principe onder controle door een flinke overcapaciteit afzuiging te hebben met een dimmer. Veel verse lucht is een must! Als de aanvoer van verse buitenlucht te wensen overlaat, dan kun je met CO2-tabs werken om het tekort in de te arme lucht aan te vullen. Met extra CO2 kunnen je planten bovendien beter tegen warmte.
Als je aanvoer van verse lucht uit een vertrek komt dat door een centrale verwarming verhit wordt, zal je lucht te droog zijn en te arm aan CO2.
Als je ruimte te vochtig is heb je ook een wezenlijk probleem. Harder afzuigen is dan een optie, doe daar niet zuinig mee. Ook je zwenkventilator mag niet zo’n miezerig pielding zijn, maar eentje die daadwerkelijk lucht verplaatst.
Bespeur je meeldauw (schimmel) in het begin van je kweek, kap dan alles en begin maar opnieuw! Een schoonmaakbeurt met een middel als Halamid kan preventief heel goed werken voordat je dan weer opstart. Meeldauw komt vaak al met je stekken mee de ruimte in, dus ben daar altijd heel alert op! Het begin van meeldauw ziet eruit alsof de plant op de kleine blaadjes al volop hars produceert, maar je kunt het zo ervan afvegen.
Budrot ontstaat in ruimtes die te vochtig zijn en slecht geventileerd, het profileert zich doorgaans pas in de laatste weken. Budrot komt van binnenuit en verknalt je oogst vaak zonder dat je het op tijd zag. Planten met budrot moet je gelijk verwijderen! Een vrieskist op vol volume zetten met de deur of klep open kan veel vocht uit je ruimte onttrekken. Het ijs dat zich in de kist vormt was het vocht in je lucht.
Koop nooit als een dwaas allerlei producten waarvan de werking onduidelijk is. Overtuig je altijd eerst kritisch van de toevoegende waarde en gebruik niet alles door elkaar heen.
Als je lamp te hoog hangt zullen je planten gaan sprieten, terwijl je ze juist kort, stevig en met korte internodes wil kweken. De plant wil nu eenmaal zo snel mogelijk naar het licht groeien, vooral in de groeifase. Ongeveer 50 cm erboven en een zwenkventilator net onder je lamp doorlaten zwenken is prima. Je kap mag gerust een beetje meewiebelen! Andersgezegd: waai de hitte van je lamp gewoon weg om zoveel mogelijk spectrum (veel lumen dus) zo dicht mogelijk bij je planten te krijgen. Als je afzuiger hoog genoeg hangt, zorgt de natuurwet ervoor dat de warme lucht afgevoerd wordt, want warme lucht stijgt op.
In de groeifase willen de planten graag een vochtige omgeving om zich goed te kunnen ontwikkelen. Op tijd een beetje nevelen vinden ze dan ook erg aangenaam. Zuur je nevelwater af tot een pH 6.3 tot 6.5.
Gebruik je bladvoeding in je vernevelaar dan is een uitvloeier aan te raden. Zonder uitvloeier loopt de nevel gewoon in druppels van de blaadjes en is het effect nihil. Gebruik geen bladvoeding als je op voorbemeste grond werkt. Sommige mediums (potgrond, slabs, kokos) zijn het aankijken niet waard, dus wees kritisch bij de aanschaf ervan. ‘Bespaar’ bijvoorbeeld niet een paar lullige eurootjes met een wit merk. Bij de growshop zijn er genoeg goede mediums verkrijgbaar.
Grtz




Comment