Maak gratis een account aan en krijg toegang tot het volledige forum. Paswoord vergeten? klik hier om een nieuwe aan te vragen. Neem contact op indien u problemen ondervindt met inloggen of registreren.
Maak een account aan!
Ja de er zijn geen tekorten meer momenteel. Alles gaat weer voortvarend. Geen vergelingen meer van onder. Zelf de kanariegele allereerste ware blaadje is weer mooi groen.
Ze blijven in bloei omdat ze 12 uur donker blijven ervaren
Eigenlijk gaat dit tegen elke theorie in natuurlijk, want we, ik in ieder geval, ging er van uit dat juist het aantal licht-uren de groei/bloei bepaalt.
Deze methode gaat uit van het tegenovergestelde. Als het tot het eind werkt kunnen er een hoop artikelen in de prullenbak, daarom vind ik het erg interessant.
Ik volg je op de voet.popcorn.gif
Eigenlijk gaat dit tegen elke theorie in natuurlijk, want we, ik in ieder geval, ging er van uit dat juist het aantal licht-uren de groei/bloei bepaalt.
Deze methode gaat uit van het tegenovergestelde. Als het tot het eind werkt kunnen er een hoop artikelen in de prullenbak, daarom vind ik het erg interessant.
Ik volg je op de voet.[ATTACH=CONFIG]97209[/ATTACH]
Het moment van bloei is misschien wel de belangrijkste beslissing in een plantenleven. Maar hoe weet een plant wanneer de tijd rijp is voor een bloem?
Hoe weten de planten dat het tijd is om bloemen te maken?
Rond 1920 was al bekend dat bij veel soorten planten de daglengte belangrijk is voor bloei. Er werden drie soorten planten onderscheiden. Zogenaamde kortedag- planten bloeien in de lente of in de herfst. Zogenaamde lange-dag-planten bloeien in de zomer. Behalve deze twee groepen onderscheidden de botanisten ook neutrale planten
In eerste instantie dachten onderzoekers dat de lichtperiode bepaalt of een plant bloeit, vandaar de naamgeving korte- en lange-dagplanten. Later bleek dat de lengte van de donkere, nachtelijke periode minstens zo belangrijk is. In experimenten werd de nacht onderbroken door korte lichtflitsen te geven aan verschillende typen planten. Als je in het midden van een lange nacht een korte-dag-plant blootstelt aan rood licht, dan wordt de bloei geremd. Op dezelfde manier kan een korte lichtpuls in de nacht van lange-dag-planten de bloei versnellen. Nader onderzoek liet zien dat het licht fotoreceptoren activeert, zoals bijvoorbeeld de roodlichtreceptor fytochroom en cryptochroom dat op blauw licht reageert. De fotoreceptoren hebben een actieve en een inactieve vorm en kunnen zodoende functioneren als een soort lichtschakelaar.
Pas de afgelopen tien jaar is de moleculaire basis van het aanleggen van bloemknoppen een beetje bekend. Door mutanten te isoleren en natuurlijke variatie in bloeitijd te bestuderen en de betreffende genen te kloneren, worden steeds meer genen ontdekt die rechtstreeks te maken hebben met de bloei. Er zijn nu al zo’n tachtig Arabidopsis-genen bekend die de bloeitijd beïnvloeden.
De meeste van de nu gevonden genen zijn betrokken bij een van de twee systemen. Het ene systeem draait om het Constans-gen. Het Constans-gen is de sleutel voor de het bepalen van de daglengte. Hiermee kunnen planten het aantal uur licht per etmaal meten. Het niveau van het eiwit Constans wordt gestuurd door de biologische klok. Als de hoeveelheid eiwit een drempelwaarde heeft bereikt, en er óók daarna nog licht op de plant valt, meestal in de middag, dan worden bloemvormende processen gestart in de plant. Als de dagen te kort zijn wordt er ook Constans-eiwit gevormd, maar pas als de zon al weer onder is. Alleen de combinatie Constans-eiwit én zonlicht zorgt er dus voor dat er uiteindelijk bloemen gevormd worden. Het Constans-gen speelt ook een belangrijke rol in planten die juist bloeien als de dagen korter worden, In dat geval heeft het is het expressiepatroon van het eiwit gedurende de dag anders.
Phytochroom is een plantpigment, dat betrokken is bij het waarnemen van licht en werkt als een lichtsensor. Hierdoor wordt het dag- en nachtritme geregeld. Ook veel bloeiende planten gebruiken phytochroom om de bloei te reguleren.
Er zijn twee soorten phytochroom B (isomeren)
- Phytochroom B1 (Pr) (actief)
- Phytochroom B2 (Pfr) (inactief)
Phytochroom B1 absorbeert het rode licht van 660 nm, terwijl phytochroom B2 het verrood licht van 730 nm absorbeert. Daglicht bestaat voor een groot gedeelte uit rood licht en er is dan vooral het phytochroom B2 aanwezig. Gedurende de nacht verandert het phytochroom B2 in phytochroom B1.
Cannabis gaat in bloei onder invloed van dit B1 phytochroom. Is deze er in voldoende hoeveelheid en minimaal gedurende 10 uur aanwezig is in de plant in de actieve vorm. In het licht word de actieve vorm heel snel omgezet in de inactieve vorm van het pythochroom. Daarom gaan planten ook stressen als je de donkerperiode even onderbreekt in de bloei. In het donker duurt het ongeveer 2 uur tot alle inactieve pythochroom weer omgezet is in de actieve vorm. Dus die twee uur en die 10 uur die nodig zijn om in bloei te komen en te blijven zijn samen je 12 uur donker die de plant nodig heeft om in bloei te komen en te blijven. Dus het aantal uren donker bepaalt de bloei bij cannabis en niet het aantal uren licht. Ik heb het 21,36/12 schema al vaker gebruikt en de planten blijven inderdaad gewoon in bloei.
Verder beinvloed Phytochroon de groeireactie.
Phytochroom B2 gaat de strekking van zaailingen tegen, omdat de kieming in de grond plaats vindt en dus in het donker gebeurd. Komt de zaailing boven de grond dan moet de strekkingsgroei stoppen. Ook bladgroei, chlorofyl aanmaak en het rechtop laten groeien van het epicotyl of hypocotyl van zaailingen worden beïnvloed door het phytochroom.
Phytochroom is een pigment in de meeste planten en sommige bacteriën die wordt gebruikt om de kleur van het licht controleren. Planten kunnen gebruik maken van dit pigment in de bepaling van photoperiods, wanneer zaden, ontkiemen wanneer bloem, en wanneer chloroplast, een belangrijke chemische stof wordt gebruikt in de fotosynthese produceren. Fotosynthese is een proces waarbij planten zonlicht omzetten in voedsel. Phytochroom kan ook nuttig te zijn bij de controle wat vorm en grootte bladeren vorm, de lengte van de zaden, hoeveel bladeren vormen, en de optimale lengte van de zaden tot optimaal gebruik van het licht bij de hand te maken.
Een pigment is een stof die de kleur van een object verandert als gevolg van een aantal golven van licht en selectief absorberende bepaalde anderen. Stel bijvoorbeeld dat de rode, gele en blauwe stralen werden scheen op een bal. Als de bal weerspiegelt blauw en absorbeert alle andere lichte golven, zal de bal lijken blauw tot een waarnemer. Phytochroom is een speciaal pigment met twee vormen, Pr en Pfr, die rood licht en veel rood licht absorberen respectievelijk af te geven voor een groen blauwe tint. Rood licht en veel rood licht zijn relatief weinig energie en frequentie lichtbronnen, in vergelijking met andere lichte golven in het elektromagnetische spectrum.
Phytochroom is een foto-of een eiwit dat zintuigen licht op een organisme en lokt een reactie. Het heeft zowel een eiwit component en een chromofoor component, het stuk verantwoordelijk voor de absorptie van rood licht. Het molecuul begint te nemen in het rood licht in de Pr-vorm, die de fytochroom om een chemische verandering ondergaan om Pfr oorzaken. Dit Pfr toestand van fytochroom is de actieve toestand, of de staat dat het antwoord begint processen in de plant, en geeft de voorkeur ver-rood licht absorberen.
bloeiende planten, deze methode voor het opsporen van licht helpt bij het ontwikkelen belichtingsduur, of een antwoord op dag en nacht. Planten kunnen ook gebruik maken fytochroom aan de vorm en grootte van de bladeren te veranderen en synthese van chloroplasten beginnen. Dit zorgt ervoor dat fotosynthese kan maken optimaal gebruik van het licht bij de hand. Het is ook belangrijk aan het licht te controleren, zodat zaden kunnen goed groeien, zonder opdrogen of ontvangen te weinig zon
De ontdekking van fytochroom begon met de observatie van belichtingsduur in planten. Wetenschappers begonnen te merken dat de planten reageerden verschillend op dag en nacht, sommige planten veranderd processen voor langere dagen, sommige favoriet bloei gedurende kortere dagen overspant, en sommige gestopt bloei als ze werden blootgesteld aan licht, zelfs voor een paar minuten tijdens de nacht. In de jaren 1930, op het Beltsville Agricultural Research Center, botanicus Sterling Hendricks, fysioloog Marion Parker, en chemicus Harry Borthwick samen te onderzoeken dit fenomeen.
In 1948 spectrograaf tests aangegeven dat een enkele pigment verantwoordelijk was voor de photoperiodis. In 1952, tests bleek dat de kiemkracht werd gestopt toen een fabriek werd blootgesteld aan ver-rood licht en opnieuw gestart bij blootstelling aan rood licht. In 1959, het team uitgevoerd overtuigend tests op raap zaden en noemde het pigment fytochroom .
Rood/verrood receptoren( fytochromen)
Fotobiologische experimenten hebben geleidt tot de conclusie dat fytochroom bestaat in twee
vormen: het inactieve Pr dat na absorptie van roodlicht wordt getransformeerd naar het actieve
Pfr. Deze reactie is reversibel, wanneer het pigment verrood licht absorbeert verandert de Pfr
vorm weer in de Pr vorm. Fytochroom kan verdeeld worden in twee groepen, een lichtstabiele en
instabiele vorm. De lichtstabiele (Pr) vorm is verantwoordelijk voor de klassieke rood/verrood
reversibele responsen, zoals de-etiolatie, celstrekking en de regulatie van bloei. De instabiele (Pfr)
vorm speelt een belangrijke rol in kieming bij zeer lage lichtintensiteiten (<5 μmol m-2 s-1) en
neemt verlenging van daglengte waar. De instabiele vorm is ook essentieel voor de-etiolering in
licht met een verhoogd verrood gehalte, zoals voorkomt in lichtbeperkte omstandigheden (zoals
onder een gesloten gewas), wat bijzonder is omdat het juist door verrood i.p.v. roodlicht
geïnduceerd wordt. De rood/verrood (R/VR) verhouding is van invloed op de fytochroom respons van planten
zoals stengelstrekking, bloemvorming, stomatale geleiding en de anatomie. Een afname van de
R/VR verhouding (relatief meer verrood) stimuleert de stengelstrekking en remt de vorming van
zijscheuten. Toename van de R/VR verhouding reduceert de bladdikte als gevolg van een
dunnere mesofyllaag met kleinere en minder cellen (Schuerger et al., 1997). De mate van reactie is
afhankelijk van de plantensoort en evolutionair bepaald (Smith, 1982). Licht waarin rood en
blauw overheersen leiden tot verschuivingen in droge stofverdeling tussen blad en stengel en
remmen de zijscheutvorming (Warrington & Mitchell, 1976).
he monty die van jou groeien ook heerlijk door zo te zien
alleen ik vroeg mij af hoezo groeien jouw zijtakken zo mooi recht omhoog als ditCIMG5330.jpg en die van mij zo ver naar de zijkanten als dit2011-11-07+13.28.14.jpg
Dat komt omdat ze zo kort op elkaar staan ze concureren om licht. Planten die ruim staan kunnen breder worden en toch genoeg licht opvangen, plantjes die erg kort op elkaar staan doen een wedstrijdje omhoog voor het licht.
ah ok ik dacht eerst dat het door de kleur van de lamp kwam..
ik ben alleen bang dat de takken te ver naar buiten zullen groeien en dat ze gaan hangen als de toppen eraan komen, ik zat eraan te denken om ze te ondersteunen..(of zal dat niet nodig zijn)
zitten die liefeheersbeestjes er nog trouwens?
In je laatste weken van de bloei als alles nog flink gaat zwellen en topzwaar word is ondersteunen wel zinvol maar zolang ze zelf blijft staan zou ik dat nog niet doen. Je stam en zijvertakkingen blijven verstevigen zolang dit nodig is ga je te vroeg ondersteunen dan maak je ze als het ware lui en krijg je slappe planten.
Heerebeestje komt zodra de lamp aangaat lekker zonnen op een bovenste blad. Voor de rest verstopt ie zich en zit wat te slapen.
Interessante info Monty.
Om het te testen zal ik dus een weekklokkie in m'n schakelkast moeten bouwen, of m'n homemade bord weer ophangen met een andere timer.
Hmm, schakelbordje bouwen..Klinkt als een winterprojectje
Ondertussen blijf ik even met je meekijken.
Comment